Gezond binnenklimaat

Kantoren zijn onder andere gemaakt om ervoor te zorgen dat we geen last hebben van het buitenklimaat. De keerzijde is dat een binnenklimaat ook niet per definitie prettig of gezond hoeft te zijn. Een prettige temperatuur en voldoende frisse lucht zijn belangrijk om zonder discomfort en klachten te kunnen werken.

Plus en min

+
Een prettig en gezond binnenklimaat draagt bij aan verzuimpreventie. Wie zelf de temperatuur en toevoer van verse lucht kan aanpassen, is bovendien productiever. Sommige technische aanpassingen voor een gezond binnenklimaat vergen forse investeringen.
Het vermijden van temperaturen boven de 24 °C voorkomt bij administratieve werkzaamheden de productiviteitsdaling van circa 4 procent per °C boven deze grens. Hier komen mogelijk nog de kosten van gespecialiseerde advisering bij.
Het vermijden van extreem droge lucht en een te hoog CO2-gehalte voorkomt respectievelijk oogklachten en een daling van het concentratievermogen.
Diverse eenvoudige maatregelen om het binnenklimaat te verbeteren kosten niets of verdienen zichzelf binnen enkele maanden terug.

 

Wettelijke eisen

De werkgever moet in algemene zin zorgen voor een zodanig binnenklimaat dat hier geen nadelige invloed vanuit gaat op de veiligheid en gezondheid van werknemers. Meer in het bijzonder mag de temperatuur geen schade aan de gezondheid van de werknemers veroorzaken. Dit gebeurt overigens pas als hij ruim boven de 30 ℃ uitkomt. Is er een klimaatinstallatie, dan moet die altijd bedrijfsklaar zijn en een controlesysteem hebben dat storingen signaleert. Verder mag hij niet leiden tot hinderlijke tocht voor werknemers. Volgens het bouwbesluit moet de ventilatie minstens 30m3 per persoon per uur zijn.

Aanbevelingen

  • Een klimaatinstallatie is ontworpen voor normale, niet extreme, klimaatomstandigheden. Om die reden is het acceptabel dat de installatie gedurende maximaal 10% van de verblijfstijd zijn ontwerpgrenzen overschrijdt. Om die reden kan het bijvoorbeeld op extreem warme dagen in het kantoor te warm zijn.
  • Naast temperatuur en tocht vormt in kantoorruimtes de CO2-concentratie een belangrijk aandachtspunt. Een veel gebruikte bovengrens voor CO2 is 1.200 PPM. De oplossing om dit bereiken is extra ventilatie en/of meer m2 ruimte per werknemer inruimen.
  • De vochtigheidsgraad in een ruimte blijkt weinig invloed te hebben op medewerkers. Deze mag variëren tussen de 30% en 70%. Onder de 15% kunnen gezondheidsklachten ontstaan. Een te droog klimaat komt weinig voor. Waar dit probleem zich toch voordoet, ontstaat het voornamelijk door intensief gebruik van airconditioning. Luchtbevochtiging met planten of een (mobiele) luchtbevochtiger is dan de oplossing.

Tips

Voor werknemers

  • Heb je klachten of vragen over het binnenklimaat? Stel die dan in eerste instantie aan je leidinggevende en kijk of je samen tot een oplossing kunt komen.
  • Maak goede afspraken met je collega’s over zaken zoals het openen van ramen, het hoger of lager zetten van de thermostaat en dergelijke. Wat voor de één plezierig is, hoeft dat voor een ander niet te zijn. Goede afspraken helpen gezondheidsklachten te voorkomen.
  • Drink bij veel warmte extra veel water. Dit is belangrijk voor je vochtbalans.

Voor leidinggevenden

Soms is de temperatuur zo hoog dat aanvullende maatregelen nodig zijn. Enkele tips:

  • Laat werknemers pauzeren in koele ruimtes en pauzeer zo nodig vaker.
  • Stimuleer het drinken van veel water. Een te lage vochtbalans heeft grote invloed op het welzijn en functioneren van werknemers.
  • Door ’s nachts extra te ventileren of de klimaatinstallatie vroeger op te laten starten kun je ervoor zorgen dat de start van de werkdag koeler verloopt.
  • Pas bij de eerstvolgende gelegenheid de klimaatinstallatie aan. Is dat nog niet mogelijk, huur of koop dan een mobiele airconditioner of ventilator.
  • Bied werknemers de mogelijkheid om een tropenrooster aan te houden (vroeger starten en eindigen).
  • Spreek binnen je team af welke aangepaste kleding wel en niet is toegestaan.
  • Zet apparaten uit die onnodig aan staan en warmte afgeven.
  • Heeft een werknemer klachten die je niet samen met hem kunt oplossen, kijk dan wie er in de organisatie verantwoordelijk is voor het binnenklimaat.

Tips bij tocht:

  • Ontdek waar de hinderlijke luchtstroming vandaan komt. Pak de oorzaak aan of verplaats de werkplek waar de overlast optreedt.
  • Plak nooit zelfstandig de uitblaasopeningen van het klimaatsysteem af. Verplaats liever werkplekken of overleg met de verantwoordelijke of de instelling is aan te passen.

Voor arboprofessionals

  • Het binnenklimaat meten kan ook via apps. Lees in ‘Het gebruik van apps’ over de voordelen, risico’s en tips om het goed te doen.
  • Zorg voor regelmatig onderhoud van de aanwezige klimaatinstallaties. Pas waar nodig en mogelijk de installatie aan of huur tijdelijk mobiele airconditioners.
  • Bij te veel warmte:
    • Is een eigen pand voorzien van een plat zwart dak? Een wit dak reflecteert zonlicht en voorkomt opwarming. Investeren in een speciale dakverf met een lichte tint is daarom een effectieve oplossing om het binnenklimaat te verbeteren.
    • Buitenzonwering op ramen met zonlicht voorkomt dat de zonwarmte binnenkomt. Soms is alleen binnenzonwering mogelijk. Zorg dan dat die aan de achterzijde een goede reflectielaag heeft.
  • Zijn er klachten in specifieke kantoorruimtes, overweeg dan:
    • onderhoud, installatie en inregeling te controleren. Er worden nogal eens fouten gemaakt bij het inregelen. Die komen naar voren als je ruimtes controleert op de werking van kleppen, draaiknoppen en/of thermostaten;
    • een aantal medewerkers te vragen naar de ervaren kwaliteit van lucht, klimaat, licht en geluid. Deze gevalideerde vragenlijst met 15 vragen kan je daarbij helpen;
    • de werkelijke waarden te meten. Dat kan met professionele geijkte apparatuur, maar ook steeds meer met een aantal apps met aparte meetsensoren.

Extra info

Volgende oplossing